![]()
De Enkhuizer Zeevaartschool belegde een bijeenkomst om met de nieuwe vertrouwenspersoon voor de chartervaart, Noa Becker, en verschillende aanwezigen te spreken over de invulling van de rol en de nog op te tuigen preventiecampagne.
Noa is leerling op de Enkhuizer Zeevaartschool, een ervaren maat op de Harlinger vloot, psycholoog en gediplomeerd vertrouwenspersoon. Zij heeft in de afgelopen periode geholpen om de wens van de EZS en de BBZ om deze functie goed in te vullen verder vorm te geven. Op de bijeenkomst gaf ze toelichting op haar toekomstige rol. Ze maakte onder meer duidelijk dat de vertrouwenspersoon er niet is om te oordelen en niet aan waarheidsvinding doet, maar er is om degene die zich tot haar richt bij te staan; gericht dus op het ene individu. De rol van de vertrouwenspersoon is ook om jaarlijks een verslag te maken van geanonimiseerde gevallen, te bezien of er patronen zijn en om mogelijk aanbevelingen te doen die kunnen helpen bij het voorkomen van problemen.
Tijdens het gesprek op de EZS werd duidelijk dat preventie in het belang is van elk individu, maar ook in het belang van de vloot. Het varen met gasten is en blijft voornamelijk mensenwerk; de kwaliteit van de interactie maakt of breekt het ‘product’. De sector wil ook een goede werkgever zijn voor nieuwe instromers. Het beschermen van nieuwe mensen, vaak jonge mensen en, meer dan in andere maritieme sectoren, vrouwen, is ontzettend belangrijk. Noa benadrukte het belang van een gedragscode, een formele gedragscode, zodat iedereen weet waar hij of zij aan toe is. Uit het gesprek bleek dat verschillende schepen die al hebben en dat ook de VBZH een code heeft opgesteld waar schepen zich aan gecommitteerd hebben. De gedachte is geopperd en overgenomen om verschillende bijeenkomsten te houden met eigenaren en bemanningen om gezamenlijk te werken aan een goed template dat voor elke eigenaar als vertrekpunt gebruikt zou kunnen worden. De verantwoordelijkheid voor het hebben van zo’n code ligt bij de eigenaar, maar natuurlijk is het goed om te horen hoe de bemanningen erin staan. De BBZ gaat daar werk van maken.
Er werd ook gewezen op de wettelijke kant van de zaak. Men is verplicht om een RI&E te hebben en de risico’s van psychosociale arbeidsbelasting maken daar onderdeel van uit. Elk schip moet de risico’s in kaart hebben gebracht en er passende maatregelen voor hebben vastgesteld. Maar los van de wettelijke kant is het goed om de gesprekken tussen werkgevers en werknemers, tussen schippers, maten, gidsen en koks te voeren en met elkaar te praten over de wenselijke omgangsvormen.
In de komende periode wordt verder gewerkt aan de inbedding van de vertrouwenspersoon (gedacht wordt nu aan het PVC), de financiering en het opstellen van campagnes die het onderwerp onder de aandacht brengen.
Meer informatie: info@debbz.nl