Steeds meer scheepvaartverkeer wordt door de windmolenparken naar de verkeersscheidingsstelsels gedwongen. Zo ook de zeilvaart. En de ruimte om dan nog te zeilen neemt dan af. Harry Muter heeft daar namens de BBZ aandacht voor gevraagd tijdens een expertconsultatie over de veiligheidsgevolgen van vijf geplande windparken op de Noordzee.
Er werd vooral gesproken over de velden 9 Noord en 9 Zuid. Overigens is het nog maar de vraag of al deze windparken daadwerkelijk worden gebouwd; mogelijk wordt slechts een deel van de geplande capaciteit gerealiseerd.
De discussie ging vooral over de gevolgen voor de veiligheid van de beroepsvaart. Loodsen en vertegenwoordigers van de koopvaardij wezen erop dat de grootste risico's ontstaan in scherpe bochten van vaarroutes. Schepen komen daar schever te liggen, waardoor vervuiling uit brandstoftanks los kan komen en filters verstopt kunnen raken. Dat vergroot de kans op motorstoringen of zelfs een black-out. Naar aanleiding van deze zorgen zijn voorstellen gedaan om de vorm van enkele windparken aan te passen, zodat scherpe bochten in de vaarroutes kunnen worden vermeden.
De BBZ heeft vooral aandacht gevraagd voor een breder probleem. Door de uitbreiding van windparken wordt steeds meer scheepvaartverkeer naar de verkeersscheidingsstelsels gedwongen. Daardoor wordt het daar drukker en nemen de bezwaren die onze sector al langer heeft verder toe.
Voor zeilschepen is de te varen koers sterk afhankelijk van de windrichting. Binnen een verkeersscheidingsstelsel maakt de voorgeschreven koers het vaak onmogelijk om optimaal gebruik te maken van de zeilen. Daardoor moet vaker de motor er bij, wat ten koste gaat van de duurzaamheid van de bedrijfsvoering.
Ook wanneer er tegen harde wind en zeegang in gemotord moet worden ontstaan mogelijk problemen. Door de grote windvang van het tuig neemt de snelheid soms flink af, waardoor de snelheidsverschillen met andere schepen groter worden.
Komt de wind uit een gunstige richting, dan willen zeilschepen die natuurlijk graag gebruiken. Maar voor het veilig hijsen of strijken van zeilen, of om bijvoorbeeld gijpen bij ruime wind te voorkomen, zijn soms tijdelijke koerswijzigingen nodig. Binnen een verkeersscheidingsstelsel is daar niet altijd ruimte voor.
Een lastig punt daarbij is dat zeilschepen langer dan 20 meter verplicht gebruik moeten maken van het verkeersscheidingsstelsel zodra de hulpmotor wordt ingezet. In de praktijk betekent dit dat traditionele zeilschepen regelmatig in een regime terechtkomen dat niet goed aansluit bij de manier waarop veilig en efficiënt onder zeil wordt gevaren.
Voor de specifieke windparken die tijdens deze bijeenkomst werden besproken heeft BBZ geen bezwaren ingebracht. Uit de gepresenteerde cijfers bleek dat er gemiddeld minder dan één schip uit onze sector per maand door deze gebieden vaart. Onze zorgen richten zich daarom vooral op het totale effect van de voortdurende uitbreiding van windparken op de beschikbare ruimte voor de scheepvaart.
Voor augustus of september staat een vervolgbijeenkomst gepland, waarin de plannen verder worden uitgewerkt. BBZ blijft de ontwikkelingen volgen en zal de belangen van de traditionele zeilvaart daarbij onder de aandacht blijven brengen.
